Artikel

 
   
Shaytaan, de grote verleider
geplaatst: 17 augustus 2008
Alle lof zij Allah en vrede en zegeningen zij met Zijn Boodschapper.
 
Voorts,
 
Toen Iblies weigerde voor Aadam te prosterneren, stuurde Allah hem uit het Paradijs en vervloekte hem tot de Dag der Opstanding. Allah zei tegen hem (interpretatie van de betekenis):
 
“Ga dan weg uit haar (het Paradijs): waarlijk, jij bent een verworpene. En voorwaar, op jou rust Mijn vervloeking, tot de Dag des Oordeels.”
(Soerat Saad: 77-78)
 
Iblies vroeg Allah om hem gratie te verlenen tot de Dag der Opstanding, waarna Allah dit verzoek inwilligde. Allah zegt hierover (interpretatie van de betekenis):
 
“Hij (Satan) zei: ,,Geef mij uitstel tot de Dag waarop zij opgewekt zullen worden.” Hij (Allah) zei: ,,Voorwaar, jij behoort tot hen aan wie uitstel is gegeven.”
(Soerat al-Acraaf: 14-15)
 
Toen Iblies zich eenmaal veilig voelde van de vernietiging, werd hij opstandig en ging de grenzen te buiten. Allah zegt (interpretatie van de betekenis):
 
“Hij (Iblies) zei: ,,Omdat U mij hebt doen dwalen, zal ik hen belemmeren op Uw rechte Pad. Daarna zal ik zeker tot hen komen, van voor hen en van achter hen en van hun rechterzijde en van hun linkerzijde en U zult de meesten van hen niet als dankbaren aantreffen.”
(Soerat al-Acraaf: 16-17)
 
Toen Iblies deze woorden uitsprak, antwoordde Allah hem, zeggende (interpretatie van de betekenis):
 
“Hij (Allah) zei: ,,Ga heen; wie van hen jou volgt, waarlijk: de Hel zal jullie beloning zijn, als een volledige beloning! En rui van hen op wie jij kan met jouw stem en val hen aan met je paarden en je voetvolk en deel rijkdommen en kinderen met hen en doe hen beloften.” En de Satan belooft hen niets dan bedrog. Voorwaar, jij hebt geen macht over Mijn dienaren. En jouw Heer is voldoende als Beschermer.”
(Soerat al-Israa’: 63-65)
 
De Satan verklaarde onheil en vijandigheid jegens de kinderen van Aadam en begon de zonden aantrekkelijk voor hen te maken om hen te verleiden tot het begaan van het verbodene en het slechte en zette hen aan tot slechte en verdorven daden. Aldus werden de meeste mensen door hem bedrogen en vervielen zij in zonden en verboden zaken. Allah zegt (interpretatie van de betekenis):
 
“En voorzeker, de veronderstelling van Iblies over hen werd bewaarheid, want zij volgden hem met uitzondering van een groep gelovigen.”
(Soerat Saba’: 20)
 
Al hetgeen dat gebeurt onder de kinderen van Aadam wat betreft ongeloof, moord, haat, de verspreiding van onzedelijkheid en ontucht, de ongegeneerde tentoonstelling van vrouwelijke schoonheid, alcoholconsumptie, beeldenverering en andere grote zonden, is allemaal het werk van de Satan om de mens te beletten de Weg van Allah te volgen en om de mensheid te perverteren en hen tezamen met hem naar het Vuur te leiden. Allah zegt (interpretatie van de betekenis):
 
“O jullie die geloven, waarlijk, wijn, gokken, afgodsbeelden en pijlen om te verloten zijn slechts onreinheden die tot het werk van Satan behoren, vermijdt deze dus. Opdat jullie zullen welslagen. Waarlijk, Satan wil alleen maar vijandschap en haat onder jullie veroorzaken met behulp van wijn en gokken en door jullie af te houden van het gedenken van Allah en het gebed. Houdt er dan ook mee op!”
(Soerat al-Maa’idah: 90-91)
 
Allah heeft ook gewaarschuwd tegen het volgen van de Satan en het treden in zijn voetsporen, zeggende:
 
“O jullie die geloven! Volgt niet in de voetstappen van Satan. En wie de voetstappen van Satan volgt: waarlijk, hij (Satan) beveelt de gruweldaden en het verwerpelijke.”
(Soerat an-Noer: 21)
 
Keert een persoon zich af van Allah, dan versterkt dat de grip van Satan op hem en moedigt hij hem aan in het plegen van zonden en overtredingen. Allah zegt (interpretatie van de betekenis):
 
“Zie jij niet dat Wij Satans gestuurd hebben naar de ongelovigen om hen tot wanorde op te stoken?”
(Soerat Maryam: 83)
 
Eenieder die zich afwendt van Allah en de Satan volgt, vernietigt alleen zichzelf en is een verliezer in deze wereld alsmede in het Hiernamaals. Allah zegt (interpretatie van de betekenis):
 
“En wie in plaats van Allah Satan tot beschermer neemt, die zal waarlijk een duidelijk verlies lijden.”
(Soerat an-Nisaa’: 119)
 
De Satan gebruikt ongekende middelen in het verleiden van de mensen. Hij heeft velen van de mensheid geperverteerd en maakt slechte daden aantrekkelijk voor hen. Hij is dus de oorzaak van hun gang naar de Hel; wat een verschrikkelijk lot!
 
“Hij (Satan) doet hen beloften en hij wekt hun ijdelheid op en wat de Satan hen belooft is slechts een misleiding. Zij zijn degenen wiens verblijfplaats de Hel is en zij vinden daaruit geen ontsnapping.”
(Soerat an-Nisaa': 120-121)
 
De haat van Satan jegens Aadam en zijn nakomelingen is al oud. Allah liet Aadam en Eva verblijven in het Paradijs. Satan kwam tot Aadam en maakte de zonde aantrekkelijk voor hem, zodat Aadam hem zou gehoorzamen, denkende dat hij oprecht was. Aldus was Aadam ongehoorzaam aan zijn Heer en werd hij verbannen uit het Paradijs, waarna Allah zijn berouw accepteerde. Allah waarschuwt ons tegen het gehoorzamen van Satan, zeggende (interpretatie van de betekenis):
 
“O kinderen van Aadam, laat de Satan jullie niet in verzoeking brengen, zoals hij jullie voorouders uit de Tuin heeft verdreven.”
(Soerat al-Acraaf: 27)
 
Aangezien de haat van Satan jegens de mensheid zo duidelijk en onmiskenbaar is, vertelt Allah ons om op onze hoede te zijn en hem de oorlog te verklaren en haat jegens hem te hebben, zoals Allah zegt (interpretatie van de betekenis):
 
“Waarlijk, Satan is voor jullie een vijand, beschouwt hem daarom als een vijand. Voorwaar, hij roept zijn volgelingen slechts op om tot de bewoners van het laaiende Vuur te behoren.”
(Soerat Faatir: 6)
 
Allah vertelt ons om elke keer dat wij eraan denken te zondigen, toevlucht te zoeken bij Hem tegen de verstoten Satan. Allah zegt (interpretatie van de betekenis):
 
“En wanneer een verzoeking van de Satan jou treft, zoek dan je toevlucht bij Allah: voorwaar, Hij is de Alhorende, de Alwetende.”
(Soerat Foessilat: 36)
 
Op de Dag der Opstanding, de Dag van waarheid en gerechtigheid, zal Satan zijn misdaden bekennen en voor de gehele schepping verklaren dat hij een leugenaar is en dat Allah Degene is Die de waarheid vertelt. Hij zal vertellen dat er geen blaam ligt op hem, maar op degenen die hem plachten te volgen. Dan zal eenieder die hem plachte te volgen spijt hebben, maar te zijner tijd zal berouw hen niet meer baten. Allah zegt (interpretatie van de betekenis):
 
“En Satan zei, toen de zaak besloten was: ,,Voorwaar, Allah heeft jullie een ware belofte gedaan en ik heb jullie een belofte gedaan, maar ik liet jullie in de steek. Ik had geen macht over jullie, behalve dat ik jullie heb geroepen, waarop jullie mij gehoorzaamden, verwijt mij daarom niets! Verwijten jullie jezelf maar. Ik kan jullie niet helpen en jullie kunnen mij niet helpen. Waarlijk, ik verwerp het dat jullie mij voorheen als deelgenoot (aan Allah) toekenden.” Voorwaar voor de onrechtplegers is er een pijnlijke bestraffing.”
(Soerat Ibraahiem: 22)
 
Sheich Mohammed Ibn Ibraahiem at-Toewadjri
Fragment genomen uit het boek ‘Oesoel ud-Dien il-Islaami’
 


Doorsturen

|


Print

|

1032 keer geprint
5573 keer gelezen

|

Meest gelezen

Nieuwe artikelen