'En wiens woord is beter dan dat van hem die oproept tot Allah en die goede werken verricht, en die zegt: ''Voorwaar, ik behoor tot de Moslims.' (soerat Foessilat:33)
 

                       

   
   
Bibliotheek> Columns
Hervorming van de Islam?

Regelmatig horen wij geluiden over de noodzaak van een ‘hervorming van de Islam’. Deze komen meestal van buiten de Islam, maar soms ook van moslims zelf. Als moslims zelf hierover spreken dan vermijden ze over het algemeen het woord ‘hervorming’. Ze spreken dan liever over een ‘herleving’ of een ‘her-interpretatie’. Niet een breuk met het oude, maar een soort ‘vernieuwing zonder dat het een vernieuwing zou zijn’. Niet-moslims die aandringen op een hervorming van de Islam zijn eerlijker. Ze denken meestal aan zoiets als de reformatie van het christendom.

Maar hoe dan ook, met een ‘hervorming van de Islam’ wordt meestal een of andere vorm van modernisering bedoeld. Een aanpassing aan de moderne tijd. De ‘oude’ - traditionele - Islam zou namelijk niet van deze tijd zijn. Het gaat daarom ook bijna altijd om dezelfde zaken: de rechten van de vrouw, het recht op een eigen individuele interpretatie van het geloof (de vrijheid van denken), politieke betrokkenheid (democratie), een scheiding van ‘kerk’ en staat, openheid naar anders- en ongelovigen (dialoog en tolerantie) en deelname aan het moderne leven (integratie en participatie). Wat men maar niet kan - of wil - begrijpen is dat de Islam wezenlijk elke vorm van hervorming of vernieuwing radicaal afwijst. De Islam is namelijk onze bescherming tegen elke aanpassing aan de tijd. En dat is geen halsstarrigheid of ‘isolationisme’. Dat is de Genade van onze Heer. De Islam gaat niet ‘mee’ met de tijd. De Islam beschermt ons tegende tijd. Mohammed (vrede zij met hem) heeft als de Laatste Profeet onze godsdienst voor eens en voor altijd vastgelegd. Dit te geloven en hieraan vast te houden, behoort tot de kern van ons geloof. Hoe kan men dan spreken over hervorming en vernieuwing van de Islam? Laat staan een noodzaak tot vernieuwing?
 
Heeft Allah, de Verhevene, niet gezegd (interpretatie van de betekenis):
 
“Vandaag heb ik jullie godsdienst voor jullie vervolmaakt, Mijn Gunst aan jullie voltooid en de Islam voor jullie als godsdienst gekozen.”
(Soerat al-Maa’idah: 3)
 
Dit vers is geopenbaard op de berg cArafah vlak na de afscheidsrede van onze Profeet (vrede zij met hem). Toen cOmar (moge Allah tevreden zijn met hem) dit hoorde moest hij huilen. Iemand vroeg hem: “Waarom huil je?” En hij antwoordde: “Niets dan onvolmaaktheid volgt het volmaakte.”
(Rahmatoen lil-cAalamien 1/265)
 
In een andere - heel bekende - overlevering zei de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) ook: “De beste van mijn mensen zijn mijn generatie, dan degenen na hen, dan degenen na hen.”
(al-Boekhaari en Moeslim)
 
Wij leven in tijden van onvolmaaktheid. Het volmaakte ligt achter ons. En tegelijkertijd is de Gunst van Allah, de Verhevene, aan ons voltooid. Ons is onze godsdienst gegeven. Een volmaakt richtsnoer tot aan het Einde der Tijden. Een volmaakt richtsnoer als houvast in de onvolmaakte tijd waarin wij leven. En natuurlijk wil deze onvolmaakte tijd dat wij onze godsdienst ‘aanpassen’. Veranderen. Hervormen en vernieuwen. En precies hiertegen beschermt ons onze godsdienst. Het is Zijn Gunst. Alhamdoelillaah.
 
*
 
Dat ongelovigen ons aansporen onze godsdienst te veranderen en te verlaten, verbaast ons niets. Hoe kunnen ze iets anders willen? Maar dat moslims zich hier mee bezig houden is een hele kwalijke zaak. En niet ongevaarlijk. De media besteden hier immers ruim aandacht aan. Zo ziet men moslims namelijk het liefst. Breeduit vertellend dat de Islam ook ‘anders’ kan. En anders ‘moet’. Dat de Shariah ook anders ‘geïnterpreteerd’ kan worden. Ze doen zich voor als de ‘ware’ gelovigen. Als de toekomst van de Oemmah. In feite zijn het echter dwaallichten. Het zijn stromannen van de Shaitan. Of ze dat nu weten of niet.
 
Zo is er Salman Rushdie. Een korte tijd beweerde hij een moslim te zijn. Later gaf hij toe dat dit niet gemeend was. In augustus 2005 schreef hij een artikel over de noodzaak van een Islamitische reformatie.1 Daarin schrijft hij onder andere dat de Islamitische Gemeenschap een stap zou moeten maken ‘voorbij’ de ‘traditie’. De basisbegrippen van de Islam zouden aangepast moeten worden aan de moderne tijd. Hoofdpunten die hij noemt zijn de rechten van de vrouw, de vrijheid van meningsuiting en de geslotenheid naar anderen. Ook stelt hij voor de Koran vanuit een historisch perspectief te bestuderen en niet meer als het boven de geschiedenis verheven Woord van Allah. Op die manier zou het namelijk mogelijk worden de Koran te ‘herinterpreteren’ en aan te passen aan de behoeftes van de moderne tijd. Het zou dan gelegitimeerd zijn om de Koran te veranderen. Een soortgelijk standpunt horen we ook in Nederland. Bekende namen op dit gebied zijn Paul Cliteur en Ayaan Hirsi Ali. Deze laatste schrijft:
 
“De actualiteit bewijst helaas dat de moslimgemeenschap een achterstand heeft als het gaat om verlichtingsdenken, verdraagzaamheid en kennis over andere culturen. Een inhaalslag op deze punten zal nooit lukken met imams als el-Moumni. Maar het zal ook niet lukken als vooruitstrevende moslims achterover blijven zitten. Een eensgezinde reformatie is wat de islam nodig heeft.” 2
 
Dit zelfde standpunt heeft ook Bassam Tidi. Hij is de bedenker van de term ‘Euro-Islam’.3 Daarmee doelt hij op ‘een Islam’ die de Shariah verbindt met Europese moderne waarden en tradities. Hij denkt dan aan de rechten van de mens, democratie en de rechten van de vrouw. In deze lijn past ook Tariq Ramadan. Hij is de kleinzoon van Hassan el-Banna, de oprichter van de ‘Islamitische Broederschap’ in Egypte. Tariq Ramadan spreekt met veel bewondering over zijn grootvader. Zijn gedachtegoed wijkt dan ook niet veel af van dat van de verschillende vertakkingen van deze zogenaamde broederschap. Zelf is hij de bekendste promotor van een ‘hervorming van de Islam’. In zijn boek ‘Radical Reform’4 doet hij voorkomen dat ‘hervorming’ iets is wat bij de Islam hoort. Hij haalt grote geleerden aan in de hoop sympathie en vertrouwen te wekken bij de lezer.
 
Zijn boodschap wordt echter door zowel moslims als niet-moslims terecht gewantrouwd. Het is een listig in elkaar gewoven betoog met een verborgen agenda. Enerzijds toont hij sympathie voor de weerstand van moslims tegen een hervorming. Anderzijds zegt hij dat er altijd al sprake is geweest van hervorming. Dan komt hij met zijn eigen voorstel tot hervorming en geeft daarvan aan dat dit eigenlijk helemaal geen hervorming is. Wat wil hij nu eigenlijk? Door een ingewikkelde argumentatie probeert hij de lezer te verwarren. Of beter: Hij is zelf verward en brengt deze over op de lezer. Het is de typische verwarring van Kalaam (de rede, het denken). Het is niet voor niets dat de vier imams eensgezind zijn in hun veroordeling van Kalaam. Kalaam is een groot gevaar. En in de confrontatie met het Westen is Kalaam misschien wel het grootste gevaar. Voor de moderne westerse wereld bestaat er namelijk niets anders dan Kalaam. Alles is Kalaam. Alles moet Kalaam worden. Alles moet beschreven, besproken en begrepen worden. Het Westen laat zich leiden door Kalaam. Het kan ons dan ook alleen ontmoeten binnen de sfeer van Kalaam. In een dialoog of een debat. In een ‘voorlichtingsbijeenkomst’.
 
Dit is de zogenaamde vrijheid van het Westen. Het wil iedereen binnenvoeren binnen de sfeer van het praten. Maar de Islam laat zich hier niet binnenvoeren. Wij blijven buiten. Misschien dat een enkele moslim zich laat verwarren door Kalaam, maar de Oemmah blijft buiten. Dus zal er ook nooit een ontmoeting plaatsvinden tussen het Westen en de Islam. Er is geen gemeenschappelijke grond. Tariq Ramadan kan of wil dat niet begrijpen. Zijn antwoord op de weerstand van ons moslims tegen een hervorming van de Islam luidt als volgt:
 
“The laudable and clearly stated intention of protecting Islam from deviation and betrayal cannot, however, express nor impose itself through refusing any critical approach as to the nature of the necessary faithfulness to the universal message of Islam.”5
 
Wat hij bedoelt is dit: ‘Met de bedoeling ons te beschermen tegen afdwaling en verraad mogen wij niet weigeren kritisch te zijn naar onszelf.’ Dit is de kern van zijn betoog en dat klinkt heel logisch. En dat is het ook. Maar wat bedoelt hij met ‘kritisch’? Hij schetst een tegenstelling tussen enerzijds onze intentie tot bescherming tegen afdwaling en verraad en anderzijds een kritische houding ten opzichte van onszelf. Maar dat is helemaal geen tegenstelling! Wat hij onder ‘kritiek’ verstaat is niets anders als Kalaam. En als er iets typisch is aan Kalaam dan is het wel dat het nooit kritisch is naar zichzelf. Als je goed leest blijkt zijn boodschap niets anders dan een uitnodiging tot Kalaam. Volgens Tariq Ramadan raken veel moslims vervreemd van anderen door te weigeren zichzelf door de bril van anderen te bekijken.6 De Islamistische Gemeenschap is hierdoor op een eiland geraakt, een ‘isolement’. En dit wordt volgens hem gevoed door de angst voor verandering, de angst zichzelf te verliezen en in het algemeen de ‘angst voor de ander’.
 
Onzin. Het is precies andersom. Het is de verwarring van Kalaam die de mensen vervreemdt. Het zogenaamd onschuldige ‘jezelf bekijken door de bril van de ander’ is helemaal niet zo onschuldig. Waarom zouden wij onszelf door de ogen van ongelovigen moeten bekijken? En hoe zouden we dat moeten doen? Zelf (tijdelijk) ongelovig worden? Er wordt hier veel te licht over gedacht. Binnen de verwarring van Kalaam - binnen de westerse maatschappij - is elke waarheid inwisselbaar voor een andere. Als de Waarheid niet erkend wordt, maakt het niet uit wat je gelooft. Dan kan je elk standpunt naar willekeur innemen. Wij erkennen de Waarheid wel. En wij gehoorzamen de Waarheid. Wij worden niet - zoals Tariq Ramadan beweert - beheerst door een ‘angst voor de ander’. Het is juist andersom. Zij worden beheerst door angst. Wij zijn de ander. En vanwege de angst voor ons wil men ons van onze ‘isolatie’ af hebben. Namelijk van onze bescherming. En daarom moeten wij de Islam hervormen. Daarom moeten wij de Islam aanpassen aan de huidige tijd. De noodzaak van een hervorming komt voort uit de angst voor ons. Onze isolatie is geen gevolg van angst. Onze isolatie is onze uitverkorenheid als de trouwe dienaren van onze Heer. De Oemmah is geïsoleerd, inderdaad. Maar niet vanwege angst voor anderen, maar vanwege onze vrees voor Allah de Verhevene. Taqwa. Vanwege de afgrond die ons scheidt van de ongelovigen.
 
Zo zegt Allah (interpretatie van de betekenis):
 
“Dezen (de gelovigen) zullen aan de rechter hand zijn. Maar zij, die niet in Onze tekenen geloven, zullen aan de linker hand zijn.”
(Soerat al-Balad 18-19)
 
En (interpretatie van de betekenis):
 
“Zij, die verwerpen en (anderen) van Allah's weg afhouden, zijn zeker ver afgedwaald. Degenen die niet geloven en die onrechtvaardig handelen, zal Allah niet vergeven, noch zal Hij hun een andere weg wijzen.”
(Soerat an-Nisaa’: 167-168)
 
Dit te geloven behoort tot de kern van ons geloof (interpretatie van de betekenis):
 
“Gelovigen! Gelooft in God en Zijn boodschapper en in het Boek dat Hij Zijn boodschapper heeft geopenbaard en in het Boek, dat Hij daarvoor heeft geopenbaard. En wie God en Zijn engelen en Zijn Boeken en Zijn boodschappers en de laatste Dag verwerpt, is ver afgedwaald.”
(Soerat an-Nisaa’: 136)
 
Wat zou ons geloof te betekenen hebben als wij niet als vreemden tussen de ongelovigen zouden lopen?
 
*
 
Alle hervorming is uit den Boze. En iedereen die hiertoe oproept - hoe listig zijn betoog ook is opgebouwd (juist als zijn betoog listig is opgebouwd!) - dient vermeden te worden. Iets anders is het als men oproept om opnieuw terug te keren tot de bron. Dat is iets heel anders. Dit is waar Mohammed (vrede zij met hem) op doelt in een Hadith die overgeleverd is door Abu Hurayrah: “Allah zal voor Zijn Gemeenschap elke honderd jaar iemand sturen die onze Godsdienst zal vernieuwen (yoedjaddidoe).”
(Aboe Dawoed)
 
Deze oproep tot vernieuwing (Tajdied) wordt door veel hervormers misbruikt als ware het een oproep tot hervorming. Maar Tajdied heeft helemaal niets met hervorming te maken. Een her-vorming suggereert de noodzaak van een nieuwe vorm, omdat de oude vorm niet meer deugt. Het suggereert dus een onderscheid tussen vorm en inhoud. Tussen een uiterlijke vorm en een inhoudelijke kern. Dit onderscheid is inderdaad van toepassing bij het jodendom en het christendom. Dit komt omdat bij zowel het jodendom als het christendom de uiterlijke vorm is los komen te staan van de innerlijke kern. Als de kern ontbreekt blijft slechts de vorm over. Dit resulteert in een voortdurende noodzaak tot her-vorming. Voor henzelf zijn deze hervormingen een ‘terugkeer naar de bron’. Maar zij zijn de bron allang kwijt. Hun ‘bron’ is slechts een door mensenhanden samengesteld boek. Een uiterlijke vorm dus. Zowel het jodendom als het christendom dragen het Woord allang niet (meer) bij zich. Voor hen kan een ‘terugkeer’ dus nooit meer zijn dan een her-vorming. Bij de Islam is dat radicaal anders. Bij ons is er geen onderscheid tussen vorm en inhoud. De Koran is het Woord van God. Hier is nooit iets aan veranderd. Hier kan ook niets aan veranderd worden. Hier mag dus ook niets aan veranderd worden. Wij hebben ook geen ‘hervorming’ nodig. Bij ons is vorm en inhoud één. En voor zover er een losse uiterlijke vorm ontstaat (bijvoorbeeld door tradities) dan is het van belang dat onze Godsdienst hiervan gezuiverd wordt. En dat is Tajdied.
 
*
 
Wij luisteren naar Allah en laten ons leiden door de geleerden. Niet door moslims die zijn verdwaald in Kalaam. Als moslims is het onze plicht te gehoorzamen. In daad en gedachte. Met geheel ons bestaan. Islam is onderwerping en onderwerping is onderwerping. Allah is één. Wij zijn één. Onze Gemeenschap is één. In alles wat wij doen en in alles wat wij denken dienen wij gehoorzaam te zijn aan Allah, de Verhevene. Daarom moeten wij ons ook schikken naar onze Gemeenschap. Zijn Gemeenschap. Wij moeten gehoorzaam zijn naar degenen die Allah boven ons gesteld heeft. Wij dienen onze positie te accepteren die Hij ons gegeven heeft. Het aanvaarden van onze bestemming is de kern van onze onderwerping. Niemand staat op zichzelf. Iedereen heeft zijn plaats. Deze plaats te kennen en te aanvaarden is het hoogste wat de mens kan bereiken. Geen reformatie en geen revolutie. Zowel op politiek gebied als op intellectueel gebied dienen wij gehoorzaam te zijn.
 
Al deze vertakkingen en verwante groeperingen of figuren van de ‘Islamitische Broederschap’ vergeten in hun fanatisme voor de Islam het belangrijkste: de Onderwerping. Ze willen allemaal op de één of andere manier strijden voor datgene wat zij als de kern van de Islam begrijpen. Maar de kern van de Islam is niet iets dat begrepen kan worden. Het is ook niet iets dat een bepaalde groep kan hebben terwijl een andere groep het niet heeft. De kern van de Islam is reëel en is van ons allemaal. De kern. De Bron. De Oemmah. Allah. Het bijzondere van de Islam - en alleen van de Islam! - is dat er geen onderscheid is. Dat is Islam!
 
Zo zegt Allah, de Verhevene (interpretatie van de betekenis):
 
“Met degenen die scheiding in hun godsdienst maken en zich in secten verdelen heb jij niets te maken. Hun zaak rust in de Handen van Allah. Hij zal hen laten weten wat zij gedaan hebben.”
(Soerat al-Ancaam: 159)
 
*
 
Geen hervorming dus. Maar dat betekent niet dat wij ons in ons dagelijkse leven niet zouden mogen aanpassen. Wij mogen - en kunnen - de Waarheid niet aanpassen, maar het leven zelf vraagt natuurlijk voortdurend om aanpassing. Hoe zouden we dat niet kunnen doen? Het leven zelf is niets anders dan aanpassing. En de Wet geeft ons hier ook genoeg ruimte voor. Zoals Allah, de Verhevene, zegt (interpretatie van de betekenis):
 
“Allah heeft het gemakkelijke met jullie voor, en Hij wil voor jullie de dingen niet bemoeilijken.”
(Soerat al-Baqarah: 185)
 
Als je hier bij stil staat dan begrijp je al helemaal niet waar deze ‘noodzaak tot hervorming’ vandaan komt. Welke noodzaak? Wat zou er moeten veranderen? Allah, de Verhevene, heeft het ons juist makkelijk gemaakt. Hij heeft ons geleerd hoe we het beste kunnen leven. Het enige dat wij hoeven te doen is te gehoorzamen. Zo eenvoudig is de Waarheid. Degenen die dit niet (willen) begrijpen maken het nodeloos ingewikkeld. Er is geen noodzaak tot hervorming. De enige noodzaak die er is, is de noodzaak deze dwalingen een halt toe te roepen.
 
Maar Allah weet het beter.
 
 
Mohibbon lil-Haq
Djoemcah, 14 Ramadan 1430
 
 
1.             http://www.timesonline.co.uk/tol/comment/columnists/guest_contributors/article553964.ece
2.             Waar blijft de reformatie van de Islam?, Ayaan Hirsi Ali (2002), http://www.republikanisme.nl/ayaan.html
3.             Bassam Tibi, Europa ohne Identität? C. Bertelsmann Verlag, München 1998
4.             Radical Reform: Islamic Ethics and Liberation, Tariq Ramadan, Oxford University Press, 2008
5.             Idem
6.             Idem
 

 

Doorsturen

|

 

 

Print

|

 Aantal keer gelezen: 1019  

Aantal keer geprint: 162

 
Profeet Moesa - 2
Het kiezen van de ideale echtgenoot
Gouden adviezen aan de getrouwden
Wat je dient te weten over de Engelen
De Islamitische opvoeding - deel 1
 
De goedheid van de harten
De positie van het hart
Gematigdheid in de cAqiedah
Conclusie
Kuisheid is jezelf bedekken

© Alle rechten voorbehouden aan al-Yaqeen