|
06:26
Den Haag | Fadjr
gebedstijdMiddel 13gebedstijd
Middel 7
06:26
Middel 6
08:28
Middel 5
12:41
Middel 2
14:20
Middel 4
16:39
Middel 3
18:35
Alle gebedstijden
De islamitische kijk op de mensheid

Vraag:

Wat is de Islamitische kijk op de mensheid? Moedigt het ons aan om anderen lief te hebben en te respecteren, ongeacht hun geloof of ras?

Antwoord:

Alle lof zij Allah.

De Islamitische kijk op de mensheid is gevuld met genade en mededogen. Dit kan ook niet anders, want de Islamitische religie is de laatste van de (reeks) religies die door Allah, Verheven is Hij, is voorgeschreven. Hij heeft de gehele mensheid bevolen om deze religie binnen te treden. Hij openbaarde deze religie en zond hem neer naar het meest genadevolle schepsel; Mohammed (vrede zij met hem). Dit is bevestigd in het Boek van Allah waarin Hij zegt (interpretatie van de betekenis):

“En Wij hebben jou (o Mohammed) slechts gestuurd als genade voor de werelden.”

(Soerat al-Anbiyaa’: 107)

Hierover zijn bevelen in de Koran en Soennah gekomen die de moslims opdragen om de mensen uit te nodigen naar de Eenheid van Allah (Tawhied). En ook om hun bezit, tijd en zielen in te zetten voor dit doel. Dit gebeurt uit mededogen en als genade jegens alle mensen. Dit om hun hiermee te redden van de aanbidding van dienaren en uit te nodigen naar het aanbidden van de Heer van alle dienaren. Maar ook om hen te redden van de wereldse benauwdheid naar de uitgestrektheid van deze wereld en het Hiernamaals. Deze mededogen blijft zelfs gelden als ouders hard proberen om hun kinderen weg te houden van de Islam en hun vertellen om deelgenoten toe te kennen aan Allah en ongelovig te zijn. Hierover zegt Allah de Verhevene (interpretatie van de betekenis):

“En Wij hebben de mens opgedragen om goed te zijn voor zijn ouders. Zijn moeder droeg hem (in haar buik) in (een toestand van) zwakheid boven zwakheid, en zijn spenen (d.w.z. het spenen van het kind) geschiedt twee jaar. Wees Mij en jouw ouders dankbaar, (en) tot Mij is de Terugkeer. En als zij erop aandringen dat jij deelgenoten aan Mij toekent waar jij geen kennis over hebt, gehoorzaam hun (d.w.z. de ouders) dan niet. En ga in deze wereld goed met hen om en volg de weg van degene die berouwvol tot Mij terugkeert. Vervolgens zal tot Mij jullie Terugkeer zijn en Ik zal jullie berichten over dat wat jullie deden.”

(Soerat Loeqmaan: 14-15)

Verder adviseert de Islam om de buren vriendelijk te behandelen, zelfs als zij geen moslims zijn. Imam al-Qoertoebie zei: “Ik zeg dat op basis hiervan een vriendelijke behandeling van de buren is voorgeschreven en aanbevolen. Of zij nu moslim zijn of niet. Dit is het juiste wat moet worden gedaan. Een vriendelijke behandeling kan in de vorm van het bieden van hulp of door vriendelijke omgang, het wegnemen van lasten, en het bijstaan.”

Al-Boekhaarie heeft van cAa’ishah overgeleverd dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Djibriel bleef mij adviseren om de buren vriendelijk te behandelen, totdat ik dacht dat hij hen als mijn erfgenaam zou beschouwen.”

(al-Boekhaarie)

Het is van Aboe Shoerayh overgeleverd dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Bij Allah, hij gelooft niet. Bij Allah, hij gelooft niet. Bij Allah hij gelooft niet.” Er werd gezegd: “O Boodschapper van Allah, wie is dat?”Hij zei:“Degene wiens buur niet veilig is voor zijn overlast.”

Deze overlevering heeft een algemene betekenis en is van toepassing op alle buren. De Profeet (vrede zij met hem) heeft door drie keer te zweren, benadrukt dat de buur niet mag worden lastiggevallen. Dit heeft hij ook gedaan door te vermelden dat degene die zijn buur lastigvalt geen gelovige is in complete zin. Dus de gelovige moet het lastigvallen van zijn buur vermijden en zich onthouden om iets te doen wat Allah en Zijn Boodschapper hebben verboden. Hij moet ernaar streven om datgene te doen wat Allah tevreden maakt en anderen aanmoedigen om dit ook te doen.”

En ten aanzien hiervan zegt Allah (interpretatie van de betekenis):

“Allah verbiedt jullie niet om degenen die jullie niet bestrijden in de godsdienst en jullie niet uit jullie huizen verdrijven, goed en rechtvaardig te behandelen. Voorwaar, Allah houdt van de rechtvaardigen.”

(Soerat al-Moemtahanah: 8)

Met andere woorden; Allah verbiedt het niet om vriendelijk te zijn, de (sociale) banden te onderhouden, de verleende gunsten te belonen, en om rechtvaardig te zijn tegenover de polytheïsten (afgodenaanbidders) die familie of geen familie zijn. Dit geldt zolang zij jullie niet bevechten vanwege jullie godsdienst of jullie uit jullie huizen verdrijven.

Er is dus niets mis met het onderhouden van banden met hen, want het onderhouden van banden met hen in deze situatie, omvat niet iets dat zal leiden tot negatieve gevolgen.

Ook is het overgeleverd van cAbdoellaah ibn cAmr dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Degene die een Moecaahid (een niet-moslim die in vrede leeft met moslims) doodt, zal de geur van het Paradijs niet ruiken ook al is haar geur van een afstand van veertig jaar te ruiken.”

(al-Boekhaarie)

Wij respecteren degenen waarvan de Islam ons leert om hen respecteren. Wie in overtreding hiertegen raakt, heeft de Islam verkeerd begrepen en heeft de Islam een beeld van terrorisme, verraad en ontrouw gegeven. Wie zich houdt aan de voorschriften van de Islam en die de verdragen en verbonden respecteert, is degene van wie wordt gehoopt dat hij goed zal doen en zal slagen.

Gebaseerd op een fatwa van Islamqa.com