|
12:41
Den Haag | Dhoehr
gebedstijdMiddel 13gebedstijd
Middel 7
06:24
Middel 6
08:27
Middel 5
12:41
Middel 2
14:20
Middel 4
16:39
Middel 3
18:35
Alle gebedstijden
Tafsier soerat Al-Baqara vers 44 – 50
Uitleg vers 44:
 
أَتَأْمُرُونَ النَّاسَ بِالْبِرِّ وَتَنسَوْنَ أَنفُسَكُمْ وَأَنتُمْ تَتْلُونَ الْكِتَابَ أَفَلاَ تَعْقِلُونَ
 
Hoe kan het zijn dat jullie de mensen reinigen en aanzetten tot het goede middels jullie uitspraken, vermaningen en woorden, terwijl jullie zelf ervoor kiezen om te verblijven in de duisternis van de zonden? Jullie zijn bezig met het vermanen van anderen, maar jullie vergeten julliezelf. Jullie vragen van anderen om uit de buurt te blijven van buitensporigheden, maar jullie doen het zelf niet. Dit terwijl jullie in het bezit zijn van een Boek dat vol zit met bewijzen en tekenen. Maar desondanks hebben jullie je niet laten leiden door het licht van dit Boek.
 
Vervolgens zegt Allah tegen de kinderen van Israël: “Zet dit jullie niet aan tot nadenken?” Met andere woorden, een goede geestesgesteldheid, een weldenkend mens zal altijd inzien dat hij moet kiezen voor de goede zaken en uit de buurt moet blijven van de slechte zaken. Oftewel, als al die boeken die jullie in jullie bezit hebben jullie niet laten vermanen, laat dan tenminste jullie verstand de bovenhand krijgen en jullie tot vermaning brengen. Want ook aan de hand van het verstand kunnen jullie inzien dat datgene wat jullie aan het doen zijn niet klopt!
 
 
Uitleg vers 45:
 
وَاسْتَعِينُواْ بِالصَّبْرِ وَالصَّلاَةِ وَإِنَّهَا لَكَبِيرَةٌ إِلاَّ عَلَى الْخَاشِعِينَ
 
In dit vers draagt Allah Banoe Israiel op (en dit is uiteraard voor iedereen bestemd) om hulp te zoeken middels geduld, want alleen geduld zal ons de nodige kracht geven om de geboden na te komen en de verboden te vermijden. Geduld kan omschreven worden als een innerlijke kracht die betrokken is bij alle aspecten van het leven.
 
Ook draagt Allah ons op om hulp te zoeken middels het gebed, want het is het gebed dat een persoon steun biedt in erbarmelijke tijden en de lasten die een persoon op zijn schouders draagt enigszins verlicht. Vandaar dat de Profeet (vrede zij met hem) gewoon was om tegen Bilaal (radhiAllahoe canhoe) te zeggen: “Arihnaa bi s-Salaati yaa Bilaal.” Oftewel: “Breng ons rust middels het gebed, O Bilaal.” Waarop Bilaal de Adhaan verrichtte. Bilaal was natuurlijk de Mu’addhin, de oproeper tot het gebed, van de Profeet (vrede zij met hem).
 
Het gebed dient onze oogappel te zijn. Het gebed dient aanleiding te zijn voor onze gemoedsrust. In dit vers geeft Allah aan dat het gebed een zware taak is, behalve voor degenen die zich met geest en lichaam hebben onderworpen aan Allah en die er absoluut geen moeite mee hebben om het te verrichten ten tijde van slaap, ten tijde van rust, ten tijde van reis, ten tijde van ziekte, enzovoort. Terwijl een Moenaafiq (hypocriet) absoluut niet de kracht kan opbrengen om het gebed te verrichten.
 
 
Uitleg vers 46:
 
الَّذِينَ يَظُنُّونَ أَنَّهُم مُّلاَقُوا رَبِّهِمْ وَأَنَّهُمْ إِلَيْهِ رَاجِعُونَ
 
De waarachtige mensen, de èchte gelovigen, zij zijn het die overtuigd zijn van de wederopstanding na de dood en de verrekening die daarna plaats zal vinden. En dat zij daarna terug zullen keren naar Allah om hun beloning in ontvangst te nemen of hun bestraffing te ondergaan.
 
Deze zaak, namelijk het geloven in de Dag des Oordeels, die tot de grootste fundamenten van het geloof behoort, is datgene wat een persoon ertoe draagt om Allah te vrezen. Want hij weet dat hij zijn Heer tegemoet zal gaan op een Dag waar geen twijfel over bestaat.
 
 
Uitleg vers 47:
 
يَا بَنِي إِسْرَائِيلَ اذْكُرُواْ نِعْمَتِيَ الَّتِي أَنْعَمْتُ عَلَيْكُمْ وَأَنِّي فَضَّلْتُكُمْ عَلَى الْعَالَمِينَ
 
Wederom richt Allah het woord tot de kinderen van de weledele Profeet Yacqoeb (calaihissalaam) die hem in werkelijkheid in zijn reilen en zeilen niet hebben gevolgd. Allah vraagt van hen om Zijn Gunsten richten hen te gedenken en daarbij stil te staan. Allah zegt: “Wij hebben jullie met zoveel gunsten begunstigd. Wij hebben jullie zoveel leed en ellende bespaard. Wij hebben jullie bevoorrecht boven de rest van de volkeren die in jullie tijd bestonden, door zoveel Profeten naar jullie toe te sturen, zoveel Boeken naar jullie te openbaren en zoveel vijanden van jullie te verslaan. Is het dan niet gepast dat jullie enige dank tonen richting Mij?!”
 
 
Uitleg vers 48:
 
وَاتَّقُواْ يَوْماً لاَّ تَجْزِي نَفْسٌ عَن نَّفْسٍ شَيْئاً وَلاَ يُقْبَلُ مِنْهَا شَفَاعَةٌ وَلاَ يُؤْخَذُ مِنْهَا عَدْلٌ وَلاَ هُمْ يُنصَرُونَ
 
Vreest een Dag waarop jullie voor Allah komen te staan en niemand voor een ander iets kan betekenen. Een Dag waarop de voorspraak van een ongelovige niet aanvaard zal worden, niemand middels zijn vermogen de Bestraffing af zal kopen en geen van jouw vrienden jou van het Vuur kan behoeden.
 
Als we naar dit vers kijken, zien we dat er vier zaken zijn die opgenoemd worden. Vier zaken die slaan op de Koeffaar (ongelovigen) op de Dag des Oordeels:
 
  1. Ze kunnen niet een ander hun straf laten ondergaan;
  2. Geen van de belangrijke personen in het wereldse leven zal voorspraak voor hen kunnen doen;
  3. Zij kunnen met hun geld deze verschrikkelijke Bestraffing niet afkopen;
  4. Geen van hun helpers kan voorkómen dat deze ongelovige in Djahannam belandt.
 
 
Uitleg vers 49:
 
وَإِذْ نَجَّيْنَاكُم مِّنْ آلِ فِرْعَوْنَ يَسُومُونَكُمْ سُوَءَ الْعَذَابِ يُذَبِّحُونَ أَبْنَاءكُمْ وَيَسْتَحْيُونَ نِسَاءكُمْ وَفِي ذَلِكُم بَلاءٌ مِّن رَّبِّكُمْ عَظِيمٌ
 
Ook zegt Allah tegen de kinderen van Israël: “Gedenk de dag waarop Wij jullie hebben gered en bevrijd van Fircawn en zijn leger. De dag waarop hij achter jullie aanzat en op het punt stond om jullie allen te vermoorden. Maar plotseling lieten wij de zee voor jullie uiteen gaan en konden jullie in alle veiligheid er doorheen lopen. Wij brachten jullie in alle veiligheid naar de andere kant. Terwijl Fircawn voorheen jullie zonen vermoordde en jullie dochters in leven liet, opdat zij hem later in zijn paleis zouden dienen.”
 
Het feit dat Allah Banoe Israiel van Fircawn had gered, na alles wat Fircawn hen had aangedaan, is een grote gunst. Maar in plaats van dankbaar te zijn, stelde Banoe Israiel zich ondankbaar op tegenover Allah en negeerden zij alles wat Hij voor hen had gedaan.
 
 
Uitleg vers 50:
 
وَإِذْ فَرَقْنَا بِكُمُ الْبَحْرَ فَأَنجَيْنَاكُمْ وَأَغْرَقْنَا آلَ فِرْعَوْنَ وَأَنتُمْ تَنظُرُونَ
 
Nogmaals zegt Allah: “Gedenk de dag waarop de zee voor jullie uiteen is gegaan op een moment dat jullie dat het hardst nodig hadden, want jullie wisten niet meer wat te doen. De vijand kwam van achter jullie en de zee was voor jullie. Er was dus geen uitweg meer voor jullie. Doch hebben Wij jullie op een wonderbaarlijke wijze gered en lieten Wij Fircawn en zijn volgelingen verdrinken in de zee.”
 
“Ook dit laatste is een grote gunst, want Wij draaiden namelijk de zaken om. In eerste instantie waren jullie de prooi en waren zij de jagers. Maar nu zaten jullie ineens veilig aan de andere kant en was het opeens Fircawn en zijn volgelingen die tot de dood moesten vechten voor hun leven. Dit allemaal terwijl jullie toekeken en met blijdschap vervuld waren om dit te zien na alles wat hij jullie had aangedaan. Ook hebben jullie staan kijken, zodat het op de Dag des Oordeels als bewijs tegen jullie gebruikt zal worden!”
 
Leraar: Aboe Ismail
Locatie: Moskee as-Soennah