|
16:46
Den Haag | Maghrib
gebedstijdMiddel 13gebedstijd
Middel 7
06:14
Middel 6
08:14
Middel 5
12:37
Middel 2
14:24
Middel 4
16:46
Middel 3
18:39
Alle gebedstijden
Onzeker of je een wind hebt gelaten

Vraag:

Ik was het cAsr-gebed aan het bidden in gemeenschap en probeerde te voorkomen dat er wind ontsnapte door mijn spieren aan te spannen. Na een paar seconden stopte de druk van het gas en gingen we gehoorzaam in buiging. Ik was er echter niet zeker van of het echt een wind was. Ook hoorde of rook ik niets.

Toen herinnerde ik me het principe dat zekerheid niet kan worden weggenomen door onzekerheid. We eindigden het gebed. Echter weet ik niet of ik het op de juiste manier heb gedaan of niet, omdat ik de druk van het gas voor een paar seconden voelde voordat de wind uitbrak. Dien ik het gebed dus te herhalen?

Waarom voelt het alsof ik zonder Woedoe' het gebed verricht als ik denk aan het principe om de drang te weerstaan om te urineren of te ontlasten? Is het toegestaan dat wij dit principe met betrekking tot Waswaas (dwangmatige gedachten) gebruiken bij alle zaken in de Islam, of is het alleen van toepassing voor reiniging en het gebed?

Antwoord:

Alle lof zij Allah.

De Profeet (vrede zij met hem) verbood het bidden bij het weerstaan van de drang jezelf te ontlasten als je wordt afgeleid wanneer je het probeert te voorkomen. Het is overgeleverd dat cAa'ishah zei: “Ik hoorde de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zeggen: "Er is geen gebed wanneer het eten klaar is of wanneer iemand de drang weerstaat om zich te ontlasten."

(Moeslim)

Imam an-Nawawie heeft in zijn uitleg van Sahieh Moeslim gezegd: “In deze overleveringen zien we dat het afgeraden is om te bidden als het voedsel dat je wilt eten gereed is gemaakt, omdat het een afleiding is en het de juiste concentratie voorkomt. Ook is het afgeraden als iemand de drang weerstaat om zich te ontlasten. Hierbij wordt verwezen naar urine en ontlasting.”

(Sharh Sahieh Moeslim, boekdeel 5, blz. 46)

Dat het afgeraden is om te bidden, geldt alleen voor het beginnen met het gebed als men de drang voelt om zichzelf te 'verlichten'. Maar als een persoon begint te bidden en niet de drang heeft om te urineren of te ontlasten, en als hij dat alleen begint te voelen in het midden van het gebed, dan is het in dat geval niet afgeraden als het hem niet weerhoudt van het voltooien van zijn gebed.

De Permanente Commissie voor het geven van fatwa’s werd gevraagd: “Soms weersta ik de drang om mijn behoeften te doen vóór het bidden en verricht ik het gebed. De drang voel ik daarna niet meer tijdens het gebed. Wordt mijn gebed wel geaccepteerd? En soms gebeurt het tegenovergestelde; is mijn gebed dan wel acceptabel?”

De Commissie antwoordde: “Het is niet toegestaan voor de biddende om te gaan bidden terwijl hij de drang weerstaat wanneer hij moet ontlasten of urineren. Dit omdat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Er is geen gebed wanneer het eten bereid is, of wanneer men de drang weerstaat om zichzelf te ontlasten.”

(Moeslim)

De reden daarachter – en Allah weet het het beste – is dat dit weerhoudt van de juiste focus in het gebed. Maar als hij bidt in die staat, is zijn gebed nog steeds geldig. Het is echter niet volmaakt en is onvolledig, vanwege de overlevering die hierboven is aangehaald. Hij hoeft het gebed niet te herhalen.

Maar als je begint te bidden wanneer je de drang niet weerstaat om je te ontlasten, en je dat alleen tijdens het gebed begint te voelen, dan is het gebed geldig en is het niet afgeraden (om te bidden). Op voorwaarde dat deze drang je niet weerhoudt van het voltooien van het gebed.”

(Fataawa al-Ladjnat ud-Daa’imah lil-Boehoeth il-cIlmiyyati wal-Iftaa’, boekdeel 7, blz. 25-26)

Als een persoon verder niet zeker is of er wind uit hem kwam, dan wordt zijn Woedoe' niet ongeldig door deze onzekerheid. Hij dient juist door te gaan met zijn gebed. In dit geval is zijn gebed geldig en hoeft hij het niet opnieuw te verrichten. Wel als hij er zeker van is dat de wind uitbrak.

Sacied ibn ul-Moesayyab en cAbbaad ibn Tamiem overleverden dat zijn oom van vaderskant vroeg aan de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) over een man die denkt dat er iets is gebeurd tijdens het gebed. Hij (vrede zij met hem) zei: “Stop niet tenzij je een geluid hoort of een geur ruikt.”

(al-Boekhaarie en Moeslim)

Het is overgeleverd dat Aboe Hoerayrah heeft gezegd: “De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: “Als één van jullie iets in zijn maag voelt en er niet zeker van is of er iets uit hem kwam, laat hem de moskee niet verlaten. Tenzij hij een geluid hoort of een geur ruikt.”

(Moeslim)

Het moet worden opgemerkt dat er bij het horen van een geluid of bij het opmerken van een geur wordt verwezen naar de zekerheid dat men een wind heeft gelaten en zijn Woedoe' heeft verbroken. Ongeacht wat daarvan de oorzaak is.

Al-Haafidh ibn Hadjar zei: “De overlevering duidt aan dat gebed geldig is zolang degene er niet zeker van is een wind te hebben gelaten. Het betekent echter niet dat dit de enige twee manieren zijn om er zeker van te zijn…”

(Fath ul-Baarie Sharh Sahieh al-Boekhaarie, boekdeel 1, blz. 238)

In Fataawa al-Ladjnat ud-Daa’imah lil-Boehoethi lil-cIlmiyyati wal-Iftaa’ (boekdeel 5, blz. 255)staat vermeld: “Maakt elke wind die uit een persoon komt de Woedoe' ongeldig: Mijn vraag is: Wanneer wordt het ongeldig? Dus wordt het ongeldig als er een geluid en een geur en een prikkel samen plaatsvinden, of als er een geluid en een geur plaatsvinden, en wordt de prikkel daar niet bij gerekend? Ik hoop dat u deze zaak aan zult uitleggen. Ik ben nogal verward met betrekking tot deze kwestie. Moge Allah u zegenen.

Antwoord: “Alle lof zij Allah alleen. En zegeningen en vrede zij met Zijn Boodschapper en zijn familie en metgezellen. De zaken die je hebt vermeld die de Woedoe' verbreken, verbreken deze alleen als men er zeker van is dat er iets uit hem gekomen is, omdat hij een geluid hoorde of een geur heeft opgemerkt. Of wegens een andere zaak waarbij men er zeker van is dat er een wind uitbrak. Dat is omdat de Profeet (vrede zij met hem), toen hij werd gevraagd over een man die iets voelt tijdens het gebed, zei: “Hij moet niet stoppen totdat hij een geluid hoort of een geur opmerkt.”

(al-Boekhaarie)

Dit principe – dat zekerheid niet kan worden weggenomen door onzekerheid – is een algemeen principe en geldt niet alleen voor de reiniging en het gebed.

Imam an-Nawawie zei: “Deze overlevering verwijst naar één van de fundamentele beginselen van de Islam. Eén van de belangrijkste richtlijnen van Fiqh is dat zaken blijven zoals ze oorspronkelijk waren, tenzij de persoon zeker weet dat dit niet zo is. Tijdelijke onzekerheid heeft daar geen invloed op.

Een voorbeeld daarvan is het probleem dat genoemd wordt in de overlevering. Namelijk dat als een persoon er zeker van is dat hij in een staat van reinheid verkeert en onzeker is over de vraag of het ongeldig is. In dit geval wordt hij geacht dat hij nog in staat van reinheid verkeert. Het maakt geen verschil of deze onzekerheid is ontstaan tijdens het gebed of buiten het gebed. Dit is ons standpunt en de mening van de meerderheid van de geleerden van de vroegere en latere generaties.

Het hierboven genoemde principe geldt ook in andere situaties, zoals dat als een man onzeker is over de vraag of hij van zijn vrouw gescheiden is, of dat hij zijn slaaf heeft bevrijd. Of dat hij onzeker is of zuiver water onzuiver is gemaakt, iets wat onrein was gereinigd is – of het nou een kledingstuk is, voedsel, of iets anders – of dat hij drie of vier gebedseenheden heeft verricht, of dat hij heeft gebogen (in het gebed) of niet, of dat hij de intentie heeft gemaakt om te vasten of te bidden of de Woedoe’ te verrichten of de Ictikaaf te doen. Al deze onzekerheden hebben bij deze daden geen invloed, terwijl hij deze handelingen verricht. Het standpunt blijft dat dit niet is gebeurd…”

(Sharh Sahieh Moeslim, boekdeel 4, blz. 49-50)

Sheikh Ibn ul-cOethaymien zei: “Dit – hiermee bedoel ik zaken baseren op zekerheid en het negeren van onzekerheid – is een belangrijk basisprincipe dat wordt ondersteund door de woorden van de Profeet (vrede zij met hem): “Als één van jullie onzeker is over zijn gebed, laat hem hetgeen negeren waar geen zekerheid over is en verder gaan met hetgeen waar wel zekerheid over is.”

Er zijn veel problemen verbonden met dit principe op het gebied van echtscheiding, contracten, enzovoorts. Als een persoon deze volgt zou het veel problemen oplossen en een grote hoeveelheid Waswaas (dwangmatige gedachten) en twijfels wegnemen. Dit is door de zegening in de woorden en uitspraken van de Profeet (vrede zij met hem).

Het is ook één van de manieren waarin de Islam zaken vereenvoudigt. Het doel van dit onderwerp is niet dat het de moslims angstig en verward maakt, maar vooral om zaken duidelijk en eenvoudig te maken. Als een persoon soortgelijke onzekerheid voorrang moest geven, zou zijn leven moeilijk zijn. Shaytaan zal namelijk nooit stoppen met deze influisteringen en twijfels over zaken met betrekking tot reinheid. Hij zal hem proberen te beïnvloeden op het gebied van gebed, vasten en andere zaken. En op alle gebieden van zijn leven, zelfs met betrekking tot zijn familie.

De Wetgever (Allah) wil deze influisteringen met wortel en tak uitroeien door ons deze te laten negeren en ze te verdrijven, zodat ze geen enkele effect op ons zullen hebben.”

(ash-Sharh ul-Moemtic cala Zaad il-Moestaqnic, boekdeel 1, blz. 312)

En Allah weet het het beste.

Islamqa.com